‘Wanneer ik morgen doodga, vertel dan aan de bomen hoeveel ik van je hield’

Deze zin uit het gedicht van Hans Andreus laat mij iedere keer weer voelen waar rouw over gaat. En er ontstaat van alles in mij, zijn met iets wat zo diep gaat en zo groot is als rouw. De herkenning in mij door alle verlieservaringen die ik in mijn eigen leven heb gehad.
‘Wanneer ik morgen doodga, vertel dan aan de bomen hoeveel ik van je hield’… voor mij is het een ode aan het leven en aan het levend houden van de herinnering.

Verlies en rouw is verweven in ons leven, en toch hebben we het er in onze samenleving bijna niet over.
Vaak is er in ons leven geen ruimte voor rouw, weten we er geen vorm aan te geven. Terwijl rouw universeel is. Iedereen heeft er op zijn eigen manier mee te maken. Een verlies van een dierbare, maar ook het verlies van gezondheid, een kinderwens die niet in vervulling gaat, verwachtingen die niet uitkomen, het is allemaal verlies.

Rouw is altijd voelbaar in je lijf. De pijn in je hart, de adem die niet meer stroomt, je spieren die zich steeds vastzetten. Rouwen is niet fases doorlopen en er dan klaar mee zijn. Er is geen eindtijd voor rouw.
Iedereen ervaart rouw of verlies op zijn of haar eigen wijze.
Rouwen is dynamisch, met het ene been in het verlies en het andere in het leven.  Het verlies integreren in jouw leven, dan ontstaat een nieuw evenwicht. En dat vraagt tijd en aandacht.

Ik biedt lichaamsgerichte begeleiding aan mensen die te maken hebben met rouw en verlies.
In het lichaam is alles te voelen, door aanraking wordt je je bewust, van jezelf, en van wat jij nodig hebt.
Samen staan we stil om te voelen met aandacht, met ondersteunende vragen en mijn handen die luisterend aanwezig zijn.

Voor meer informatie of voor het maken van een afspraak klik hier.

 

Ik ben lid van het rouwen met compassie netwerk.